De afgelopen 18 jaar heb ik in diverse rollen bij Nationale-Nederlanden gewerkt. De laatste 10 à 15 jaar ben ik steeds meer met data gaan werken. Daar kunnen we steeds meer mee. En daar moet je de organisatie van overtuigen. In het begin was dat een langdurig proces. Data zijn ingewikkeld en ontastbaar. En dat valt moeilijk te rijmen met een bedrijf dat vertrouwen verkoopt, en waarvan je vroeger een polis op papier ontving. Nu of straks krijgen klanten een pdf in hun mailbox. En wordt er vooral digitaal met hen gecommuniceerd. Inmiddels beseffen mijn collega’s, ook op het allerhoogste niveau, wat de toegevoegde waarde van data is. Hoe meer digitale informatie onze klanten met ons delen, hoe gemakkelijker we het voor hen kunnen maken. We hoeven hen steeds minder lastig te vallen met vragen en kunnen onze offertes, polissen en claims afhandeling steeds efficiënter aanbieden.

Met slimme datatechnologie kunnen we zogenoemde What if-scenario’s opstellen. Wat is het effect van een storm boven Nederland op onze winstgevendheid en solvabiliteit? Wat gebeurt er als een Chinese verzekeraar de Nederlandse markt betreedt en de helft van de premie voor hetzelfde risico gaat vragen? Als architect maak ik geen modellen. Dat doen scientists. Maar ik schets de grote lijnen en begeleid de processen. Dus ik vraag mij af welke technologie het beste bij een project past. Met welke wetgeving we moeten rekening houden. Of welke kosten er aan het project zijn verbonden. Maar ook wat dat van de organisatie vraagt qua skills en besturing.

Ik houd van het creëren van orde in chaos. Dat maakt mijn werk zo uitdagend. Verder vind ik het erg leuk om er in mijn werk rekening mee te houden hoe de wereld er over zeven jaar uit zou kunnen zien. Bijvoorbeeld op het gebied van privacy en datakwaliteit. Want werken met data is leuk, maar mensen moeten zich wel realiseren wat dat betekent. Van wie zijn de data? Hoe weet je dat de kwaliteit – een basisvoorwaarde voor het gebruik van data – op orde is? Welke mensen heb je nu en over zeven jaar nodig voor onze datahuishouding? Wat kosten deze mensen? En zijn er tegen die tijd mensen die dat werk kunnen doen? Het is mijn taak om de organisatie van dit soort vraagstukken bewust te maken.

Onze wereld verandert in snel tempo. Nu verkopen wij een product. De klant voert zijn gegevens in, krijgt een prijs en beslist of hij het wel of niet doet. Dat doen we in een concurrerende markt. We zijn dus continu op zoek naar de laagste prijs. Maar ik denk dat het in toekomst andersom zal gaan. Consumenten willen ontzorgd worden en zijn bereid daar iets voor te betalen. Dus als de klant in de toekomst een risico heeft dat hij wil afkopen, heeft hij daarvoor een bepaalde prijs in gedachte. Het is vervolgens aan de verzekeringsmaatschappij om te bepalen of ze dat risico wel of niet wil overnemen en voor welke prijs. Mijn verwachting is dat de consument dan, meer dan nu het geval is, bepaalt waarheen hij zijn geld brengt. Als dit inderdaad werkelijkheid wordt, dan heeft dat gevolgen voor het businessmodel van Nationale-Nederlanden, waarin data en modellen een steeds crucialere rol gaan spelen.

Ons bedrijf zit in een transitie. Klantgedrag en financiële dienstverlening groeien steeds meer naar elkaar toe. Voor een data architect is het prachtig om aan die ontwikkeling bij te dragen.

Mark van der Veen
Data Architect